Shell and tube warmtewisselaar: opbouw, toepassingen en bescherming

Een shell and tube warmtewisselaar is een pijpenbundel in een cilindrische mantel. Het ene medium stroomt door de buizen, het andere door de mantel, en de buiswand draagt de warmte over. Het is het meest gebruikte type in de procesindustrie en de scheepvaart, omdat het hoge drukken en temperaturen aankan, te inspecteren is en van binnen en van buiten beschermd kan worden.

Vooraanzicht van een gecoate pijpenplaat met buiseinden in een shell and tube warmtewisselaar

In het kort

Een shell and tube warmtewisselaar is een bundel buizen in een drukvaste mantel: het ene medium stroomt door de buizen, het andere door de mantel, en de buiswand draagt de warmte over. Corrosie en vervuiling slaan vooral toe in de buizen, op de pijpenplaat en in de waterkasten. Een dunne phenol-epoxy inbrandcoating op een chemisch voorbehandelde ondergrond beschermt die plekken van binnen en van buiten.

Wat is een shell and tube warmtewisselaar?

Een shell and tube warmtewisselaar is een warmtewisselaar waarin een bundel buizen (tubes) in een drukvaste mantel (shell) is gemonteerd. Het medium in de buizen en het medium in de mantel komen niet met elkaar in contact; de buiswand scheidt ze en geleidt de warmte. In het Nederlands heet het type ook pijpenbundelwarmtewisselaar of mantelbuiswarmtewisselaar; aan boord spreekt men vaak kortweg van een shell tube koeler.

Het type bestaat al meer dan een eeuw en is daarom tot in detail gestandaardiseerd. Het kan gebouwd worden voor vrijwel elke combinatie van druk, temperatuur en materiaal, van een kleine oliekoeler op een scheepsmotor tot een condensor van tientallen meters in een energiecentrale. Welke andere typen warmtewisselaars er zijn en hoe ze zich tot elkaar verhouden, lees je in het vergelijkende artikel.

Hoe is een shell and tube warmtewisselaar opgebouwd?

Een shell and tube warmtewisselaar bestaat uit vijf hoofdonderdelen, die elk een eigen rol en eigen kwetsbaarheid hebben:

  • Mantel (shell): het drukvaste, meestal stalen huis waar het mantelmedium doorheen stroomt. Met in- en uitlaataansluitingen, vaak met flenzen.
  • Pijpenbundel (tube bundle): tientallen tot duizenden buizen, recht of U-vormig, van koper, messing, cupronikkel, roestvast staal, titanium of staal. Hier vindt de warmteoverdracht plaats.
  • Pijpenplaat (tube sheet): de dikke plaat waarin de buizen zijn gewalst of gelast. Ze scheidt de buiszijde van de mantelzijde en is de plek waar lekkages het vaakst ontstaan.
  • Waterkasten (headers): de kappen aan de uiteinden die het buismedium verdelen over de buizen en terugleiden bij meerdere passages. Vaak van gietijzer, staal of brons, met deksels voor inspectie.
  • Keerschotten (baffles): platen in de mantel die het mantelmedium dwars over de bundel sturen, de snelheid verhogen en de buizen ondersteunen tegen trillingen.

Het buismedium kan in één keer door de wisselaar stromen (één pass) of meerdere keren heen en terug (twee, vier of meer passes), afhankelijk van hoe de waterkasten zijn verdeeld. Meer passes betekent een hogere snelheid in de buizen en een betere warmteoverdracht, maar ook meer drukverlies. Een U-buisbundel kan vrij uitzetten en is uit te bouwen; een rechte bundel met vaste pijpenplaten is eenvoudiger te reinigen.

Welke media stromen door de buizen en door de mantel?

De vuistregel is: het meest vervuilende, corrosieve of hoogst gedrukte medium gaat door de buizen. De buiszijde is namelijk het makkelijkst te reinigen, te inspecteren en te beschermen, en buizen zijn goedkoper in een hoogwaardig materiaal uit te voeren dan een hele mantel. Koelwater, zeewater en rivierwater stromen daarom bijna altijd door de buizen. Het mantelmedium is dan de olie, het gesloten koelwater, de stoom of het procesmedium dat gekoeld of verwarmd moet worden.

Enkele veelvoorkomende combinaties:

  • Zeewater in de buizen, smeerolie of motorkoelwater in de mantel (scheepvaart, zie ook het koelwatersysteem van een schip).
  • Koelwater in de buizen, stoom of koudemiddel in de mantel (condensors).
  • Proceswater of chemicaliën in de buizen, stoom of thermische olie in de mantel (verwarmers in de procesindustrie).

Waar slaan corrosie en vervuiling toe?

Corrosie en vervuiling concentreren zich op vier plekken: de binnenzijde van de buizen, de pijpenplaat, de waterkasten en de inlaatzone van de bundel. De binnenzijde van de buizen is permanent in contact met het koelwater, met zijn zouten, zuurstof, slib en organismen. Daar zetten kalk en biofilm zich af en daar begint putcorrosie, vooral waar de stroming stilstaat of juist te hard gaat.

De pijpenplaat en de waterkasten zijn vaak van een ander metaal dan de buizen: staal of gietijzer tegen koper of messing. In geleidend water vormen die een galvanisch element, waarbij het minst edele metaal versneld oplost. Rond de buiseinden, in de rolverbinding, ontstaat daardoor aantasting die uiteindelijk tot lekkage leidt. Hoe dat werkt lees je bij galvanische corrosie.

Bij de inlaat van de buizen is de stroming turbulent en soms te snel, wat de beschermende oxidelaag van koperlegeringen wegslijt (erosiecorrosie). Aan de mantelzijde is de belasting meestal milder, maar bij stoom, zure condensaten of chemicaliën kunnen ook de buitenzijde van de buizen, de baffles en de mantelwand corroderen. Een laag vervuiling of corrosieproducten op de buiswand geleidt bovendien slecht, zodat het rendement terugloopt lang voordat er een lek is.

Hoe coat je een shell and tube warmtewisselaar van binnen en van buiten?

Een shell and tube warmtewisselaar wordt gecoat op de plekken waar het medium het metaal aantast: de binnenzijde van de buizen, de pijpenplaten, de waterkasten en de deksels, en waar nodig de buitenzijde van de bundel en de binnenzijde van de mantel. Novocoatings beschermt zowel de binnenzijde (pijpenbundels) als de buitenzijde (mantels). De coating moet drie dingen tegelijk doen: het metaal volledig afsluiten, de warmteoverdracht nauwelijks hinderen en het oppervlak glad houden.

Een phenol-epoxy inbrandcoating doet dat door in dunne lagen opgebouwd en in de oven uitgehard te worden. Het resultaat is een homogene, glasachtige laag die chemisch resistent is, elektrisch isoleert (en daarmee het galvanische circuit tussen buizen en pijpenplaat onderbreekt) en warmte blijft geleiden. De eindlaag is hydrofoob: vervuiling hecht minder en de buizen laten zich makkelijker reinigen. Dat verlengt de levensduur en verlaagt de onderhoudsfrequentie.

Twee voorwaarden zijn bepalend voor het resultaat. Ten eerste de voorbehandeling: de binnenzijde van honderden buizen is met stralen niet te bereiken, een chemisch vloeistofproces wel. Ten tweede de staat van de bundel: buizen die al te ver aangetast zijn worden eerst vervangen (re-tuben) en de wisselaar wordt na het coaten afgeperst. Voor onderdelen die geen warmte hoeven over te dragen, zoals waterkasten en deksels, zijn ook poedercoaten, rilsaneren en natlakken mogelijk.

Wat betekent dit voor jouw shell and tube warmtewisselaar?

Een shell and tube warmtewisselaar is constructief vrijwel onverslijtbaar; wat hem afkeurt is bijna altijd corrosie en vervuiling aan de koelwaterzijde. Wie de buizen, de pijpenplaat en de waterkasten op tijd beschermt, houdt de wisselaar decennia in bedrijf en voorkomt het grootste risico van dit type: koelwater dat door een lek in de olie of het proces komt.

Novocoatings coat al 25 jaar shell and tube warmtewisselaars en condensors met Novotherm phenol-epoxy inbrandcoatings, aan de binnen- en buitenzijde, na een chemische voorbehandeling in een eigen wasstraat. Voor gebruikte wisselaars bestaat het refit programma: reinigen, ontlakken, inspecteren, waar nodig re-tuben, coaten en druktesten. Wat dat voor jouw installatie inhoudt lees je op de pagina warmtewisselaars en condensors; meer achtergrond vind je op de themapagina warmtewisselaars.

Bronnen

  1. TEMA Standards for shell and tube heat exchangers TEMA (Tubular Exchanger Manufacturers Association)
  2. ISO 16812:2019 Petroleum, petrochemical and natural gas industries: Shell-and-tube heat exchangers ISO
  3. Galvanic Corrosion AMPP (voorheen NACE)

Deel dit artikel

LinkedIn WhatsApp E-mail

Veelgestelde vragen

Wat is het verschil tussen een U-buisbundel en een rechte pijpenbundel?

Een U-buisbundel heeft maar één pijpenplaat en kan vrij uitzetten bij temperatuurverschillen; de bundel is als geheel uit de mantel te trekken. Een rechte bundel met twee vaste pijpenplaten is eenvoudiger te reinigen, omdat elke buis van beide kanten bereikbaar is, maar heeft een voorziening nodig om uitzetting op te vangen.

Waarom gaat het koelwater meestal door de buizen en niet door de mantel?

Omdat de buiszijde het makkelijkst te reinigen, te inspecteren en te coaten is. Koelwater, zeker zeewater, is het vervuilende en corrosieve medium; door het in de buizen te houden blijft de mantel vrij van aanslag en kun je de buizen in een corrosiebestendig materiaal uitvoeren zonder de hele mantel duurder te maken.

Kan de binnenzijde van de buizen gecoat worden?

Ja. Na een chemische voorbehandeling, die anders dan stralen ook de binnenzijde van lange buizen bereikt, wordt een dunne phenol-epoxy inbrandcoating aangebracht en in de oven uitgehard. De laag sluit het metaal af, isoleert elektrisch en geleidt warmte, zodat de buizen beschermd zijn zonder merkbaar verlies van koelcapaciteit.

Hoe merk je dat een shell and tube warmtewisselaar aan onderhoud toe is?

Aan een oplopend temperatuurverschil tussen in- en uitlaat van het te koelen medium, een hogere druk aan de koelwaterzijde, een motor of proces dat warmer draait dan voorheen, of sporen van koelwater in de olie. Bij die signalen is reiniging en inspectie van buizen, pijpenplaat en waterkasten aan de orde.

Vragen over jouw installatie?

Beschrijf je installatie; tekeningen of foto's mail je naar info@novocoatings.com. Je krijgt een helder advies over coating, voorbehandeling en doorlooptijd.